Tien dagen die de wereld deden wankelen

Nieuwe uitgave van John Reeds klassieker over de Russische Revolutie

cover-tiendagenJohn Reed was een Amerikaanse journalist en socialist. Hij trok naar Rusland na de val van het regime van tsaar Nicolaas II. Wat hij daar zag, ervaarde en opschreef, werd een van de meest fascinerende en enthousiasmerende ooggetuigenverslagen ooit van een revolutie. ‘Tien dagen die de wereld deden wankelen’ verscheen in 1919. Honderd jaar na de Russische Revolutie van 1917 blijft het boek, zoals Lenin destijds opmerkte, “een waarheidsgetrouw en levendig verslag” ervan. “Zonder voorbehoud raad ik dit boek aan de werkenden van de hele wereld aan,” stelde Lenin in een voorwoord op het boek.

Recensie door Stephen Ray uit ‘Socialist Alternative’, magazine van de Ierse Socialist Party

Reed begint door de gebeurtenissen van oktober 1917 in hun historische context te plaatsen. Hij beschrijft de voornaamste stromingen in het politieke leven in grote lijnen, beschrijft de vele spanningen tussen de overblijfselen van het oude regime, de tussentijdse Voorlopige Regering en de revolutionaire socialisten. Het denderende ritme van het verhaal wordt in heel het boek aangehouden, waardoor er een krachtig beeld gegeven wordt van het politieke leven in Petrograd.

Het groeiende klassenconflict wordt als volgt samengevat: “In de verhoudingen tussen een zwakke regering en een opstandig volk, komt er een ogenblik waarop elke handeling van de regering de massa’s ergert, en elke weigering om te handelen de minachting stimuleert.”

De talenten van Reed als journalist en als historicus komen tot uiting in de meeslepende wijze waarop de gebeurtenissen aan bod komen. Zijn beschrijving van de inname van het Winterpaleis (een grotendeels vreedzame inname) en van de begrafenis van de martelaren, zijn daar perfecte voorbeelden van.

De hoofdfiguur in dit boek is ongetwijfeld de Russische bevolking. Reed gaat erg ver om de subjectieve ervaringen van werkenden, soldaten en boeren centraal te plaatsen in zijn verhaal. Uiteraard wordt er ook bericht over de belangrijke toespraken van de voortrekkers van de Bolsjewistische partij, vooral Lenin en Trotski, en van de tegenstanders van de Bolsjewieken. Maar op kritieke momenten van meningsverschillen of discussie wordt de loop van het debat bepaald door de massa’s die uiteindelijk beslissend zijn voor het verdere verloop van de gebeurtenissen. Reed gaf volgende commentaar over een typische arbeider in Petrograd: “De Russische werkmens is revolutionair, maar hij is noch gewelddadig, dogmatisch noch dom. Hij is bereid om de onderdrukker, de kapitalistische klasse, tot het einde te bestrijden. Maar hij negeert het bestaan van andere klassen niet. Hij vraagt die andere klassen enkel om kant te kiezen.”

De schrijfstijl van Reed laat de politiek van de Bolsjewieken uit die periode tot zijn recht komen: een bewuste politiek rond de noden en de bekommernissen van de bevolking, gecombineerd met een diepgaand begrip van marxistische klassenanalyses als een gids tot actie. Op deze basis konden de Bolsjewieken een vooraanstaande rol gaan spelen in de sovjets. Het boek van Reed is een samenvatting van de analyses van de objectieve omstandigheden terwijl die ontwikkelden en hij documenteert de subjectieve ervaring van de mensen ervan. De lezer wordt meegesleept in de hectische gebeurtenissen van de oktoberdagen.

Na een beschrijving van een debat in een regiment over de vraag of het neutraal zou blijven of de revolutie steunen, waarbij er een overweldigende steun voor de revolutie is, stelt Reed: “Beeld je in dat deze strijd herhaald wordt in elke barak van de stad, het district, het gehele front, in heel Rusland. Beeld je de slapeloze [generaal] Krylenkos in die toekijkt op de regimenten, van de ene plaats naar de andere holt om er te pleiten, te dreigen en te verliezen. En beeld je dan in dat hetzelfde gebeurt in alle afdelingen van elke vakbond in de fabrieken, de dorpen, op de schepen van de verafgelegen Russische vloot; denk aan de honderdduizenden Russische mannen die overal in dit grote land naar sprekers staren: arbeiders, boeren, soldaten, mariniers, die zo hard proberen te begrijpen en te kiezen, die zo intensief denken en uiteindelijk zo unaniem beslissen. Dat was de Russische Revolutie.”

Een vaak voorkomende kritiek op ‘Tien dagen die de wereld deden wankelen’ gaat over de vooringenomen positie van John Reed tegenover de bolsjewieken. Reed stelt zelf in de inleiding dat hij geen neutrale stem kan zijn in dit verhaal omwille van zijn persoonlijke betrokkenheid bij de gebeurtenissen. Reed is tenminste van bij het begin eerlijk over zijn socialistische overtuigingen. Hij probeert dit niet te verbergen achter een laagje vernis van zogenaamde historische objectiviteit. Reed brengt open en eerlijk de context waarin zijn boek moet gelezen worden. Samen met zijn nauwgezette zin voor detail en gebruik van bronnen uit eerste hand, maakt dit van ‘Tien dagen die de wereld deden wankelen’ een hoogtepunt van de 20ste eeuwse journalistiek.

Naarmate de huidige crisis van het kapitalisme dieper wordt, zullen jongeren blijven teruggrijpen naar deze periode van de geschiedenis waarin arme werkenden, soldaten en boeren een politiek en socio-economisch systeem omverwierpen. Een periode waarin onderdrukte mensen samen in strijd gingen tegen een systeem dat hen geen toekomst bood en waarvan ze steeds meer vervreemd raakten. ‘Tien dagen die de wereld deden wankelen’ is een uitstekende inleiding op de geschiedenis van de Russische Revolutie en een goed vertrekpunt voor wie niet langer tevreden is met de wijze waarop onze samenleving georganiseerd is.

‘Tien dagen die de wereld deden wankelen’ is opnieuw uitgebracht door uitgeverij EPO en Schokland. Het boek telt 320 pagina’s en kost 24 euro.